It’s the copyright, stupid!

Het tijdperk van het wereldwijde web bracht geneugten velerlei. Vrije beschikbaarheid leek lange tijd het toverwoord. Volgens sommige herauten - denk aan Chris Anderson - lag het gratistijdperk op een armlengte in het verschiet. Maar de laatste tijd blijkt duidelijk dat de kwestie van open content gevoelig onder druk komt te staan. Zeker is dat wie auteursrechten kan doen gelden, weer steviger op zijn strepen staat. Kijk naar de muziekbusiness, waar een tijd geleden de Vlaamse artiesten zelfs een concert ten faveure van de rechten op hun voortbrengsels hielden en het niet langer pikken dat YouTube en andere met hun riedels gaan lopen. Tal van auteurs en uitgevers bundelen - terecht - de krachten tegen het Google Book Settlement, dat baadt in de onduidelijkheid. Wereldwijd overwegen kranten meer en meer om een klem te zetten op het gratis onlinenieuws. Want veel mensen kun je niet meer aan het verstand brengen dat alles zijn prijs heeft die min of meer in verhouding staat tot de geleverde inspanning. Je ziet er een woekering aan processen en juridische steekspelen over: geen kaas, geen spektakel, zo oordelen de advocaten (en soms ook de rechters).
De roemruchte Stephen James Joyce, kleinzoon van, hanteert hetzelfde adagium. Hij heeft de laatste decennia iedereen die en plein public iets van opa James wilde voorlezen verboden dat te doen. Zelfs eerbiedwaardige Stanfordprofessoren die uit Finnegan's Wake wilden citeren, mochten dat van de oplettende erf niet doen. Na veel gehannes tussen advocaten en rechters groot en klein is het tot een minnelijke schikking gekomen, waarbij de Joyce Estate duizenden dollars dient te dokken. De academische wereld haalt dus zijn slag thuis, en dat is maar goed ook, want zonder het normaal geldende citaatrecht is het moeilijk om iets zinnigs over schrijvers en hun teksten te zeggen. Ondertussen kiest Stephen James Joyce eieren voor zijn Ulysses: met het aflopende auteursrecht in gedachten laat hij nu eindelijk een goedkope versie van die klassieker toe.
Een opmerkelijke demarche in deze problematiek zagen we onlangs bij DBNL. Deze digitale bibliotheek haalde na een claim van enkele fotografen plots dan maar álle beelden van de site. Het is een begrijpelijke paniekreactie, maar ook wel zeer diep buigen voor de ©-mammon. Dan pakt Google het veel voortvarender aan. Google voerde bij de zeer omstandig besproken Book Settlement de forcing om het copyright van vele boeken op te rekken en te gelde te maken. De rechter heeft nu geoordeeld dat Google zijn rol van sterkste jongetje op de speelplaats niet mag misbruiken, en volgt daarmee een groter wordende groep auteurs en uitgevers die op hun copyrightstrepen staan. De juristen van de Settlement moeten hun huiswerk opnieuw maken, met dat vermaledijde copyright beduidend meer in het voorhoofd. En kijk, nu heerst er zelfs copyright op huiswerk, zoals een rechter oordeelde in het fameuze ‘Kindlegate'. Een Amerikaanse scholier was zijn notities bij een door Amazon plots gedeletete versie van 1984 onherroepelijk verloren en spande een rechtszaak aan. Hij krijgt een schadevergoeding waar hij nog veel van kan studeren en deed Amazon (even) diep door het stof kruipen.

Tags:
Geplaatst door Hans Cottyn en Dirk Leyman op 19-12-2009
Verwante berichten
Feuilles volantes
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening