PERIODIEK # 15 Het Liegend Konijn

Het Liegend Konijn volgt op de literaire graasweide onverdroten zijn eigen paden. Het vijftiende nummer, het eerste van de achtste jaargang, bevat 156 nieuwe gedichten van 27 dichters uit Nederland en Vlaanderen. Jozef Deleu, de grote rammelaar en bezieler van HLK, schrijft in zijn voorwoord dat hij het tijdschrift "open voor de diversiteit van de poëzie en met veel aandacht voor de inbreng van de opeenvolgende generaties" probeert samen te stellen. Daarom wil het blad "onverbeterlijk eigenzinnig blijven", waardoor het blad "ontsnapt aan elke vorm van zelfvoldaanheid". Wat Deleu daarmee bedoelt is nog duidelijker in zijn begeleidend schrijven: "de gebruikelijke zelfvoldaanheid van het literaire tijdschrift".

 

Een evenwichtige mix van gevestigd en aanstormend talent, zo kan dit nummer opnieuw worden samengevat.  Onder anderen H.H. ter Balkt, Eva Gerlach, Lucas Hirsch, Anneke Brassinga, Geert Buelens, Piet Gerbrandy en Erik Spinoy versus Joost Baars, Lies Van Gasse, Y.M. Dangre en Vrouwkje Tuinman. De jonge Jan Geerts schrijft sterke dialectische hij/zij-variaties. Chrétien Breukers, de man achter de poëziesite De Contrabas, publiceert drie knappe gedichten over genesis en incarnatie, de als poëzievertaler gecontesteerde Hans Mirck brengt de liefdevolle cyclus 'Onze vader'. Fleur Bourgonje evoceert in de cyclus 'De lichtstraat' een pregnant ziekenhuisbezoek. "Goede poëzie gaat altijd over iets. Over het leven in al zijn aspecten en hoe men het ervaart. De generaties volgen elkaar op, maar de manier waarop wordt geschreven, verandert voortdurend. Iedere generatie wil van voren af aan beginnen," zo zei Deleu recent nog in Knack.

 

Het Liegend Konijn is inderdaad op veel vlakken een rogue player: het verschijnt slechts tweemaal per jaar, het heeft een eenmansredactie, er is niets dan poëzie (met slechts de hoogstnodige biografische informatie), er is een willekeurige want alfabetische ordening, de poëtica staat zeer wijdbenig... Eigenlijk is het een tweejaarlijkse bloemlezing met nieuwe gedichten van allerlei strekking en intentie - ook al heeft Deleu nog steeds een voorkeur voor de goedgemaakte lyriek. Het geeft poëten kans wat afzonderlijke gedichten onder de aandacht te brengen (en er een bescheiden ereloon van te vangen), het biedt de lezer een zeer verscheiden staalkaart van de dichterlijke output van het moment. Iedereen tevreden.

Welke literaire tijdschriften al dan niet zelfvoldaan zijn is absoluut een polemiekje waard, maar in elk geval is HLK dat niet. Een beter passend adjectief voor HLK is wellicht gewoon 'gul'.

Tags: Literaire tijdschriften, Periodiek
Geplaatst door Hans Cottyn op 28-04-2010
Verwante berichten
Periodiek
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening