Literair supplement - aflevering 5

Keuze uit de belangrijkste literatuurrecensies- en bijdragen in Vlaamse en Nederlandse kranten- en periodieken, periode 15 tot 19 juni. Rubriek in samenwerking met de Amsterdamse Athenaeum Boekhandel.

 

Voor Uitgelezen, de boekenbijlage van De Morgen, las Christophe Vekeman De figuranten van Bret Easton Ellis en vindt het "een labyrint van kronkelpaden en steegjes die niet zelden doodlopen." Ontgoocheld? "Nee, dat is te scherp uitgedrukt, daarvoor toont Ellis zich in zijn nieuwe boek opnieuw te zeer een authentiek stilist van wereldformaat, die met schelle neonkleuren een aardedonkere, inktzwarte sfeer weet te scheppen, en daarenboven met een uniek humoristisch talent is begiftigd."

Opnieuw en opnieuw en opnieuw van het nochtans "woeste schrijftalent" Joost Vandecasteele stuit op gemengde gevoelens bij Dirk Leyman, die onder meer wijst op "de afgeraffelde en soms slordige stijl". En: "De gewelddadigheid is prominent en er wasemt een pestilente lijkgeur uit menige bladzijde. (....) Opnieuw en opnieuw en opnieuw, het is een titel als een repeteergeweer en dat is uiteindelijk ook de overheersende cadans. (...) Te vaak waan je je in een lang uitgesponnen reprise van sommige van zijn debuutverhalen." Leyman bespreekt kort ook de bloemlezing Roes van Hafid Bouazza & Yves van Kempen, Rudy Kousbroeks Anathema's 9 en Pieter Steinz' De duivelskunstenaar (over Faust).

Agnes Goyvaerts schrijft over de stage van auteur Ronald Giphart bij topkoks Sergio Herman en Jonnie Boer: Eten, drinken en slapen. "Dat je in Nederland niet goed eet, is een misvatting die ik met dit boek uit de wereld wil helpen weerleggen", aldus Giphart.

De Zuid-Afrikaanse voetbalelf breken geen potten maar de wereldbeker brengt wel massale aandacht voor het Afrikaanse continent met zich mee. Hans Muys focust op De weg naar Kaapstad, de spin-off van de tv-reeks Wereldkampioen van Afrika, waarin Abdelkader Benali en Jan Mulder op zoek gaan naar het belang van voetbal in landen als Ivoorkust, Marokko, Ghana en Zuid-Afrika. Een regenboog in de nacht, Dominique Lapierre's epos over de geboorte van Zuid-Afrika valt dan weer zwaar tegen. Boeiender en relevanter zijn Puur goud van Bart Luirink en Het land van Soekmekaar van Marnix De Bruyne, volgens Muys.  Marnix Verplancke bespreekt een aantal filosofische essays, onder meer van Ton Lemaire en Zygmunt Bauman.

 

In Knack van vorige woensdag bespreekt Bart Van Loo Vlaams landschap met nonnen van Liliane Wouters, grande dame van de Belgische Franstalige literatuur. Ze beschrijft haar herinneringen aan de naoorlogse tijd in het internaat van de nonnen te Gijzegem, aldus Van Loo, met sobere precisie en lichte humor. Voeg daar de mildheid bij en de dankbaarheid er Nederlands te hebben geleerd en je hebt een boek waarmee Wouters ingaat tegen de zeden van deze tijd. Voor de rubriek Kort las Piet de Moor En weg is hij van Pia Juul. Er is iemand vermoord maar het waarom komt niet aan de orde.. De onduidelijkheid is thematisch. Knack stelde ook de genomineerden van de Hercule Poirotprijs voor, die intussen is toegekend aan Patrick De Bruyn.

 

Humo luistert de Maand van het Spannende Boek op met een bladgoudbeslagen misdaadbijlage. Het blad brengt korte interviews met Michael Connelly, Camilla Läckberg, Harlan Coben en Arnaldur Indridason. Beide laatste halen met hun recentste werk ook De Moordlijst of de tien allerbeste thrillers van het moment. Voor ons taalgebied redt Mieke de Loof de meubelen met Wrede schoonheid. Sorry van Zoran Drvenkar is een opvallende keuze tussen obligate namen als Nesbo, Roslund en Lee Child.

 

Op haar beurt pakt De Standaard der Letteren uit met Een gids voor de spannende zomer. Aanrader van de week is Een spoor van bloed, de zesde thriller van Val McDermid rond de sinistere profiler Tony Hill. In een groot interview confronteert recensent John Vervoort Pieter Aspe met de kritieken die rond zijn werk in omloop zijn. Geen twistgesprek maar een beleefde gedachtenwissel waarna Aspe's nieuwste De Vijand met drie sterren wordt getooid. Vervoort interviewt verder de Brit R.J. Ellory wiens Volmaakte vendetta, gesitueerd in het Amerika van de Cubacrisis, hoge ogen gooit. Ook hier worden de vijf genomineerden van de Hercule Poirotprijs onder de loep genomen: Patrick de Bruyn en Bavo Dhooge kregen de mooiste cijfers.

Naar aanleiding van de heruitgave van haar 10 Martin Beck-titels die ze samen met wijlen Wahlöö schreef sprak John Vervoort met Maj Sjöwall (foto): "Wat wij toen wilden was tonen hoe de sociaal-democratische politici hun rug naar de werkende mensen keerden. Dat is de echte misdaad die wij wilden beschrijven."

Literair recensent Cloostermans en thrillerspecialist Vervoort buigen zich apart over Stervensuur. Acht literaire thrillerverhalen en kennen weinig genade met de pogingen van literaire auteurs (waaronder Manon Uphoff en Marcel Möring) zich aan een spannend verhaal te wagen. Enkel Saskia de Coster brengt het er goed af. Cloostermans: "De Costers verhaal is gestoord, grappig, meisjesachtig, bedreigend en ook nu weer vernuftiger dan je denkt." Vervoort: "Buiten De Coster is er geen enkel verhaal dat er stilistisch uitspringt." In Buzzboek vernemen we dat uitgeverij Houtekiet tv-figuur Witse uitleent aan bekende Vlaamse thrillerauteurs. Bob Van Laerhoven gaat in Eeuwige liefde als eerste met de knorrige inspecteur aan de slag.

 

In de boekenbijlage van De Volkskrant een groot interview met scheidend CPNB-directeur Henk Kraima. Met opmerkelijke uitspraken: "Bij mij werkt het niet, e-books. Herhaaldelijk heb ik het geprobeerd met zo'n dingen, de wil was er wel, maar nee. Misschien dat ik een slag aan het missen ben. Lezen is voor mij een boek vasthouden." Verder een bespreking van Jean-Marie Blas de Roblès (foto) Waar de tijgers thuis zijn, een "duizelingwekkende roman" volgens Wineke de Boer, waarin de verhaallijnen "om elkaar heen wervelen". Martijn Wallage leest de Drie Hollandse romans van Arthur van Schendel, waarin hij vooral diens 'verzwijgtechniek' looft. Over Doeners en denkers, het interviewboek van Yves Desmet en Jos Geysels, oordeelt Anet Bleich dat het resultaat van "het lumineuze idee om de politieke aardschokken in landen als België en Nederland eens van een grotere afstand te bekijken door prominente Belgische politici een samenspraak te laten houden met een door hen bewonderde denker": "Het resultaat is de moeite van het lezen meer dan waard".

Wim Bossema karakteriseert de essays van Breyten Breytenbach (foto) als "borrelend proza, alsof zijn schrijvende hand zijn gedachtensprongen nauwelijks kan bijhouden". Verder besprekingen van Between the sheets, waarin literatuurwetenschapper Lesley McDowell negen schrijvershuwelijken onderzoekt en van Van Korreweg naar Korreweg door Ad Zuiderent (Daniële Serdijn: "Alsof je een fotomozaïek bekijkt van honderden kleine beeldjes die van enige afstand een haarscherp portret laten zien"). Tot slot karakteriseert Erik van den Berg Debbie Sauls An Meine Kinder als een 'bijzondere hommage' aan het leven van ontwerper Reinier Saul; "een aangrijpend levensverhaal gecombineerd met een catalogus van charmant reclamewerk", en krijgen twee thrillers, Wrede schoonheid van Mieke de Loof en De duim van Alva door Kisling&Verhuyck, vier sterren toebedeeld. Ook nog onder meer kortere recensies over Laurent Graff en Delphine Lecompte.

 

In Trouw reflecteert Rob Schouten onder meer over de "onmiskenbare autobiografische" gedichten van John Updike in Eindpunt en op diens verhalenbundel De tranen van mijn vader waarvan "juist de betrekkelijke eenvoud en onopgesmuktheid" raakt. Joost van Velzen verkent het veelzijdige begrip "zomerboek" en een in memoriam voor José Saramago, die "de geschiedenis van zijn land op een geheel eigen wijze herschreef. Met poëzie en medeleven, maar zonder respect voor heilige huisjes."

 

In de boekenbijlage van NRC Handelsblad grote artikelen over luisterboeken en hoorspelen en een interview met Julia Blackburn (foto), die in Wij drieën haar traumatische jeugd beschrijft: "Het was allemaal theater, ik had heel sterk het gevoel: als ik uit elkaar val, word ik ook onderdeel van dat theater. Dan gaat mijn vader een gedicht schrijven over zijn dochter in het gekkenhuis en mijn moeder maakt een knettergek schilderij. Ik weigerde gek te worden." Besprekingen zijn er van de historische reisgids Het Londen van Shakespeare, dat volgens Kester Freriks "een groot heimwee teweegbrengt naar een stad van ruim vier eeuwen geleden"'. Twee debutanten worden besproken, Emily Gordts en Thijs de Boer, die er beiden redelijk genadig van af komen. Sebastiaan Kort vraagt zich af of hij in de "topzware verhalen" in Vogels die vlees eten "nu overweldigd wordt door het feit dat de schrijver in kwestie zo vaardig is, of doordat het beschrevene nog maar weinig stilering nodig heeft om de lezer te doen gruwen" en Ewoud Kieft oordeelt over Arty-farty dat "Gordts puntige stijl veel goedmaakt", bijvoorbeeld het feit dat ze "stereotiepen niet weet te vermijden". Verder Yra van Dijk over twee Hermans-boeken ("Wat ze gemeen hebben, is dat de grootheid van het schrijverschap van Hermans voor hen buiten kijf staat. Dat is sympathiek, maar wel wat onhandig"), een lovende recensie van de roman Nero, de bloedige dichter uit 1921, opnieuw uitgebracht door Van Gennep ("Kosztolányi blijkt een briljant dramaturg"') en Rob van Essen bestempelt de nieuwe roman van Blake Morrison, Het laatste weekend, als "meer dan een knap opgebouwd verhaal over een gestoorde geest: het is onderdeel van een samenhangend, zich ontwikkelend oeuvre". Tot slot leest Pieter Steinz Bret Easton Ellis' Imperial Bedrooms, en vindt dat de vraag of het vervolg even goed is als het voorgaande "met een voorzichtig ja mag worden beantwoord."

 

In de Republiek der Letteren van Vrij Nederland een artikel over schrijfopleidingen, met tips van Renate Dorrestein (foto), P.F. Thomése en Kees 't Hart. Thomése: "Schrijvers vertolken de lulligheid. Als je de boeken van de meeste schrijvers wegdenkt, blijven er kneuzen over. Alleen slechte schrijvers zijn beter dan hun boeken"? Jeroen Vullings bespreekt Imperial Bedrooms, waarin Bret Easton Ellis volgens hem "als een manipulatieve vampier" boven zijn boek hangt, en dat "de tekenen draagt van een gerijpt schrijverschap". Een interview met Pearl Abraham, auteur van Hemelse golven; "Ik ben niet geïnteresseerd in gordijnen en tapijten, in al die details in de psychologische roman. (...) Ik maak graag gebruik van collagetechnieken en schrik er niet voor terug om de krantenkoppen van de dag binnen te loodsen in mijn verhalen". Verder onder meer besprekingen van Claude Debussy's Hartstochtelijk houd ik van muziek, verschenen in Privé-domein.

 

In Dichters & Denkers van De Groene Amsterdammer drie boeken over 'de papieren Renaissance': de uitvinding van de boekdrukkunst. Piet Gerbrandy over Bij eb is je eiland groter van K. Michel: "Michel is op zoek naar het ongrijpbare, dat zich in het hart van de waargenomen werkelijkheid bevindt, dat je gewoon zou kunnen zien als je wist hoe je moest kijken". Joost de Vries bespreekt het debuut De eerste hond in de ruimte van Jeroen van Rooij en Martin Koomen over The Secret Lives of Somerset Maugham, "een authentieke Bildungsroman, die uitloopt op een abrupt en conventioneel slot".

Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening