Literair supplement - aflevering 10

Overzicht van de literaire recensies en interviews, ruimhartig gedistilleerd uit de boekenbijlages uit krant- en weekblad (periode 20-25 juli), uit Vlaanderen en Nederland. In samenwerking met Athenaeum Boekhandel.

 

Aanrader van de week in Uitgelezen, de boekenbijlage van De Morgen, is een heruitgave van De naakte waarheid van Greg Iles. Christophe Vekeman bombardeert Iles tot de beste thrillerschrijver ter wereld, onder de indruk als hij is van zijn heldere plots, levensechte personages en perspectiefwisselingen. Marnix Verplancke bespreekt twee in de Verenigde Staten meermaals bekroonde verhalenbundels. In De Theorie van licht en materie plaatst Andrew Porter "de lezer voor intellectuele en morele dilemma's waar menig romanschrijver niet eens aan toekomt", met Als ik van je hield, zou ik je dit vertellen brengt Robin Black verhalen "over wat verzwegen wordt; over het loodzware gewicht van leugens en geheimen". 

Ernest Van der Kwast schreef, volgens Dirk Leyman, met Mama Tandoori "een hoogstaand en combattief moederportret", waarin "naast de schaterlach ook de tragiek gaandeweg tussen de regels sluipt", al verzeilt de auteur als hij het verdriet van de moeder in kaart brengt wel "in tranerigheid" en "trekt daarna gauw weer een veilig blik anekdotische grapjasserij open".

De Spaanstalige literatuur zit in de lift, stelt Annick Vandorpe en ze zoomt in op drie recente vertalingen: Eva Osorio brengt in de bundel Uitweg elf intrigerende verhalen van overlevers van de Argentijnse militaire junta. Met De rode maan bewijst de Spaanse auteur Luis Leante dat hij als geen ander een spannend verhaal kan vertellen. Het her en der tot cultboek uitgeroepen Bonsai van de Chileen Alejandro Zambra "is veelgelaagd, zit vol intertekstualiteit en is geschreven in een delicate, uitgepuurde taal".

Warre Borgmans neemt in de rubriek De leesketting met graagte Sprakeloos van Tom Lanoye aan, hem geschonken door Birgit Van Mol en heeft voor muzikant Rudy Trouvé Wij drieën van Julia Blackburn in petto. Verder nog een bespreking van het boek van regisseur George Schouten over De achterkant van Zomergasten.

 

Als aanrader van de week stelt Kathy Mathys in De Standaard der Letteren Het inzicht van Griffin van Richard Russo voor, "een roman over de vreemde intensiteit van vakantievriendschappen, over de Grote Plannen die een mens nooit uitvoert en over de manier waarop ieder zijn eigen geschiedenis herschrijft." Het interview van Bas Heijne met Graham Robb over Parisians stond eerder in de NRC. In Zomertips een boeket van vijf romans over vrouwen voor wie het leven niet meevalt, met onder meer Een andere zomer van Janet Frame, "een subtiele roman die herinnert aan Mrs. Dalloway van Virginia Woolf", Februari van Lisa Moore, een roman vol "poëtische verhalen met een donker randje over gewone mensen". De dochter van Montaigne van Jenny Diski heeft het allemaal stelt Kathy Mathys: "subtiele ironie, zorgvuldig gekozen woorden, een meeslepende vertelling". En Lunch in Parijs. Een liefdesverhaal met recepten van Elizabeth Bard over het wedervaren van een New Yorkse in Parijs krijgt van Dorien Knockaert het predicaat sympathiek opgespeld. Met de acht verhalen over migrantenervaringen van voormalige Sovjetbewoners in de Verenigde Staten gevat in Nog een jaar schreef Sana Krasikov een veelbelovend debuut met een scherpe stijl en grappige beschrijvingen, eveneens een recensie van Kathy Mathys, die kennelijk literaire dwangarbeid en leesoveruren heeft moeten verrichten. Thomas Pynchon mag dan al een detectiveroman hebben geschreven, toch vind je er "de typische paranoia, het pastische-element, de flarden popcultuur en de drukke en zinderende stijl van de auteur in terug", Kathy Mathys over Eigen Gebrek. Voor Zomerhit las ze Over schoonheid, de psychologische roman waarmee Zadie Smith in 2005 indruk maakte. Verder toch ook nog een stuk van Filip Huysegems over Met de hand, een nogal breed uitwaaierend boek over de geschiedenis van de zelfbevrediging door uroloog Mels Van Driel.

  

Paul Depondt revancheert zich in de boekenpagina's van de Volkskrant voor het non-fictiefestival van vorige week met een mooi interview met dichter en Dumasvertaler Jan H. Mysjkin (De graaf van Montecristo): "Dumas geeft je meer vrijheid, juist door die losse en ietwat slordige stijl. [...] Boeken maak je met andere boeken, vond Dumas. Zijn verhaal haalde hij uit andere romans en uit politieverslagen." En over zijn dichter-vertalerschap, waarin hij geen eigen gedicht meer publiceert voor het vertaald is: "mijn vertaling is een test: je moet nooit het origineel prijsgeven voor het vertaald is, daarom schrijf ik in meerdere talen, ik droom ook in meerdere talen en laat poëzie van mij vertalen." En meer non-fictie, kortere stukken over graphic novels, jeugdliteratuur, fictie van George Kettmann jr. en Maarten Schinkel, en non-fictie van David Shields en Maarten Ducrot.

 

Trouw opent met Barbara Kingsolvers The Lacuna (Orange Prize 2010). Volgens Julie Phillips "... vermengt deze briljant geconstrueerde roman het fictieve met het historische, en krijgt het extra geloofwaardigheid door niet alleen echte plaatsen, maar ook echte mensen op te voeren"' Wel is de vertelling, waarin Diego Rivera, Frida Kahlo en Leon Trotski figureren, "aan de vlakke kant". Bas Belleman bespreekt de nieuwe roman van Wouter Godijn, Mijn ontmoeting met God en andere avonturen ("... als verslag van een depressie is dit boek zeldzaam geslaagd. [...] Wie zo goed kan schrijven, mag het metaliteraire geneuzel gerust achter zich laten."), Ronald de Rooy Het laatste concert van Nicola Lecca (hij ziet verbanden met Paolo Giordano's De eenzaamheid van de priemgetallen, maar: 'Lecca's verhaal [heeft] wel een prettiger, aan toneel grenzende lichtheid') en Sofie Messeman leest Sara Stridsbergs Droomfabriek ("Stridsberg is er op onvergelijkbare wijze in geslaagd in de huid van Valerie Solanas [die een aanslag pleegde op Andy Warhol - red.] te kruipen").

 

Ger Groot opent de bijlage Boeken van NRC Handelsblad met een beschouwing over Frank Schätzings toekomstthriller Limiet ("over het algemeen weet hij er de vaart goed in te houden") en Fred Keijzers Filosofie van de toekomst ("een zeer persoonlijk geschreven boek [...], een pleidooi voor sciencefiction als filosofisch genre, dat hij scherp en nogal provocerend afzet tegen de "gewone" literatuur. Terwijl het in die laatste om psychologische subtiliteiten, zorgvuldig gestructureerde plots en vooral om de stijl gaat, zo schrijft hij, gaat het in sf-romans allereerst om ideeën."). Op de middenpagina's interviewt Arjen Fortuin Joke J. Hermsen over Stil de tijd ("Het gaat erom duidelijk te maken dat het filosofisch en politiek noodzakelijk is dat we anders gaan leven. En soms lukt dat."). Verder besprekingen van Lisa Moores Februari (Margot Dijkgraaf: "een prachtige roman, wars van navelstaarderij of sentimentaliteit"), de geamendeerde Finnegans Wake (Robbert-Jan Henkes: "Maar alleen al om te lezen dat Joyce op FW 76.08 niet schreef "to mark a bank taal she arter", wat niets betekent, maar toch echt heus "to mark a lank taal she arter", wat al veel dichter in de buurt komt van "to make a long tale shorter", dat alleen is de 300 euro al dubbel en dwars waard.') en de briefwisseling tussen Thomas Bernhard en uitgever Siegriefd Unseld (uit 2009). Wil Rouleaux: "Deze monumentale briefwisseling bestrijkt ruim een kwart eeuw en laat de ontwikkelingen zien die Bernhard doormaakte.").

 

In De Groene Amsterdammer deze week Erik Lindner over de verzamelde interviews van Ron Rijghard in Ik deug alleen voor de poëzie: "Hij gaat kameleontisch te werk: het karakter van de dichter zet de toon van het stuk." En Cyrille Offermans beschouwt het oeuvre van Willem Elsschot en moet concluderen dat "Elsschot ook in de 21ste eeuw nog heel goed mee kan". "(...) het grootste deel van dit kleine oeuvre is nog altijd springlevend. Elsschots taal is van een grote natuurlijkheid. In veel passages hoor je de directe aanspreekvorm van de reclameman, zijn zinnen worden voortgestuwd door het ritme van de ademhaling en gekleurd door de klank van de stem. [...] Maar wat opvalt - als je er bewust op gaat letten, want eigenlijk valt het juist niet op - is dat je Elsschot niet op stoplappen kunt betrappen, niet op clichés, sjablonen, gemakzuchtige herhalingen."

 

In Vrij Nederland een interview van Anna Luyten met Yann Martel, onder meer over de kritiek op Beatrice en Vergilius: "Hoeveel oorlogsthrillers, oorlogsfilms, oorlogsromans zijn er niet gemaakt en geschreven? Is daar ooit over geklaagd? Neen. Omdat al die nieuwe betekenissen van wat oorlog is, nieuwe betekenissen en inzichten over de oorlog genereren. Waarom is dat dan voor de Holocaust zo moeilijk?"

Jeroen Vullings heeft zich naar eigen zeggen 'geen moment verveeld' met Murakami's 1q84, al plaatst hij wel kanttekeningen: 'Overtoegankelijk, dat is 't. De stijl was al nooit weerbarstig en opmerkelijk bij Murakami, maar de vorm biedt nu evenmin literaire vervoering.' Jeroen Maris oordeelt over Gie Bogaerts Luchtgezichten dat het op twee sporen loopt: "tactiel herinneringsproza dat de melancholie in sloten aanvoert, en te heet opgediende clichés waaraan de estheet zijn lippen brandt". Evenmin enthousiast is Dries Muus over de roman Mede namens mijn vrouw van Aliefka Bijlsma ("Afgesleten zinnen, afgesleten problemen, na afloop slaat de lezer het boek opgelucht dicht"), net als Maarten 't Hart bij lezing van Misdaad en straf in de Perpetuareeks: "Lees je hem nu in zoveel betere, letterlijker vertalingen, dan denk je: wat een akelig melodramatische, zichzelf voortdurend overschreeuwende auteur".

 

Op de boekenpagina's van Het Parool staat prominent een portret van Per Petterson (Ik vervloek de rivier des tijds). Theo Hakkert interviewde hem over autobiografie en fictie. Victor Schiferli bespreekt Jos Versteegens nieuwe dichtbundel Zijn overhemden op jouw huid ("... vakmanschap [...], alsook het vermogen af te dalen in eigen herinneringen en die zodanig te beschrijven dat ze tot leven komen. Die kwaliteiten worden verenigd in deze subtiele en bij vlagen zeer ontroerende bundel.") en Hans Hoekstra somt uit Buijnsters' Geschiedenis van de Nederlandse bibliofilie wat feiten op ('Büch [was] dol op reisboeken en een atlas van Blaeu had zeker binnen zijn financiële mogelijkheden gelegen, maar hij koos niet voor kwaliteit, maar voor kwantiteit.").

 

In Humo vorige week geen recensies maar wel ruimte voor een heroïsch exploot: Dimitri Verhulst bedwong de Tourmalet en doet verslag van 18,6 kilometer klimmen. En dat alles na een ontbijt van verlept stokbrood en een flesje bronwater, vier dagen zonder bier en 1.074 dagen zonder sigaretten. Aan de voet van de col haalt een verkeerslicht de auteur bijna uit het ritme maar Verhulst die het fietsen al een tijdje ernstig neemt, haalt op zijn Ernesto de top en schreef een stuk waarin uiteraard ook Eddy Merckx, Marco Pantani en Sylvère Maes figureren: "Een zak slachtafval op wielen, dat ben ik."

Verwante berichten
Reacties
Er werden nog geen reacties geplaatst.
Geef uw mening